De koperen tsjettel

Friese amateur bierbrouwvereniging

Brouwproces

Schroten

Het brouwen begint met het schroten van de gerst. De gerst wordt gekneust, de kafjes moeten heel blijven. Het lichtere of donkere gerst dat je koopt, is al gemout, de enzymen staan in de startblokken om gebruikt te kunnen worden.

Maischen

De gerst wordt met water gemengd en verwarmd. Door de juiste temperaturen aan te houden (bijv. 62 en 72 oC) breken de enzymen het zetmeel in de gerst af tot suikers.

Spoelen en filteren

Voorzichtig laat je het suikerrijke vocht weglopen. Bovenin giet of sproei je nog wat water in de hoop zoveel mogelijk suikers mee te spoelen.

Koken

De suikerrijke vloeistof (wort) wordt nu langdurig gekookt. Het wort wordt zo steriel en er treden smaakveranderingen op. Tijdens dit proces voeg je hop en eventueel suiker of kruiden toe.

Whirlpoolen en koelen

Snel ronddraaien zorgt ervoor dat grotere deeltjes zich in het miden verzamelen zodat je ze niet mee hoeft te nemen.  Snel koelen is belangrijk tegen infectie. Daarna gaat het wort in de gisttank en wordt het gist toegevoegd.

Vergisten

In de gisttank laat je het vocht enige weken gisten. De temperatuur waarbij je dit doet is bepalend voor het aroma. Bij bovengistend bier voeg je suiker toe in het flesje of de fust, zodat nagisting kan plaatsvinden.